Emerging from history : Massacre of 11 Black soldiers

Wereth, Belgium, is a tiny hamlet near the German border where, during the Battle of the Bugle in 1944,

11 black American soldiers were captured by German troops.

The story of the 11 men would probably have remained buried in a dusty file in the National Archives

if not for the efforts of a Belgian man who was 12 years old at the time.  Natalie Hill for USA TODAY

 

By the time Army Capt. William Everett examined the 11 bodies, they had been on the frozen ground for more than a month, covered only by a shroud of snow.

"On 15 February 1945, I personally examined the bodies of the American Negro soldiers listed below," Everett wrote. In a single-spaced, one-page memo, the assistant regimental surgeon chronicled their wounds. Most had been killed by blows to the head with a blunt instrument, probably a rifle stock. They had been stabbed repeatedly with bayonets. The finger of one man was almost completely severed. The soldiers had been shot multiple times.

There was little time to pursue justice. The Allies were advancing on Germany, and the European war was drawing to a close. "The perpetrators were undoubtedly SS enlisted men, but available testimony is insufficient to establish definite unit identification," the report concluded. The investigation was closed and marked secret.

Back in the USA, the wives and parents of the 11 soldiers received letters saying their husband or son had died in combat. Most went to their graves believing that.

Nearly 70 years later, as another Veterans Day approaches Monday, the mystery of what happened to the 11 men in Wereth, Belgium, is unraveling, revealing a remarkable tale that has shed new light on the contribution of black Americans in World War II's European theater. The story of the 11 men would probably have remained buried in a dusty file in the National Archives if not for the efforts of a Belgian man who was a 12-year-old boy when he saw the 11 Americans marched out of the tiny hamlet by a handful of SS soldiers. Unable to forget that image, in 1994, he quietly placed a cross on the site where the black Americans were brutally murdered. From there, a network of amateur historians, relatives of the soldiers and military officers worked to uncover what had taken place.

Thanks to those efforts, families have learned for the first time that their relatives were killed in a war crime. "It was overwhelming to know," said Renna Leatherwood, who is married to the grandson of Jimmie Leatherwood, one of the men killed at Wereth.

Regina Benjamin, the former U.S. surgeon general, whose uncle was a member of the same battalion and was captured during the Battle of the Bulge, said, "These 11 guys deserve to be remembered."

Hermann Langer died on Friday, June 21, 2013

 

Pictures Meeting 505 PIR Belgium Meyerode and Wereth Memorial ( Amel ) 2011

There was an article in Sunday’s Pittsburgh Post Gazette that was a great follow-up to your discussion at Rotary on the Wereth Massacre and movie.

Pictures Wereth 11 Memorial Day 18 september 2010

Wereth ( Meyerode ) In the footsteps of the 333rd Field Artillery Battalion 12-12-2009  

 bewijsbaar het enige Krijgergedenkteken, dat uitsluitend ing


Uit een privaatkruis niet ver van Wereth werd sindsdien een erkende US-Memorial
HERMANN Langer had de elf gedode GI’s niet vergeten.

Wereth : reporter Gerd Hennen :

  • De vereniging CRIBA (voor “Centre de recherche et d’informations sur la Bataille des Ardennes ») heeft het zich tot opgave gemaakt, de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog zonder ieder heldhaftige legendevorming te onderzoeken en de waarheid aan het licht te brengen.

Lid van deze vereniging is in Gouvy woonachtig, de vroegere Aldringer lerares Adda Rikken. Voor intussen tien jaar n.a.v. de vijftigste verjaardag van het Ardennenoffensief was ook Oost-België en bijzonder de Eifel de aanloopplaats van hooggeplaatste Amerikaanse militairen, die aan verschillende monumenten de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog herdenken.

Voortdurende opzoekingen
Eén van de betekenisvollere herdenkingsplaatsen staat in Ommerscheider Wald dichtbij Meyerode, waar US-Officier Lt .Eric Fisher Wood, zoon van Generaal Wood om het leven kwam. “De nog levende veteranen vereren nog de dag vandaag hun Officier Fischer Wood, daar hij steeds het leven van zijn soldaten op de voorgrond plaatste”, zo Adda Rikken na intensieve recherchen. Eerder toevallig werd daarmaals een kleiner gedenkteken bekend, dat de dorpsbewoners van Wereth in gedachte aan de elf gesneuvelde GI’s oprichtten. Hermann Langer, 1944 bij de massaker in zijn geboorteplaats slechts twaalf jaar oud, veranderde een oud familiekruis tot herdenkingsteken om en richtte het op op zijn weide, de vindplaats van de elf GI lijken. De rustige Hermann Langer had wel nooit eraan gedacht, dat “zijn” kruis ooit een hoge militaire bekendheidsgraad zou halen.

Spontaan bezoek

Slechts drie jaar later ervaart Richard Rhodes, de overneef van de gesneuvelde James Stewart, van dit kruis en bracht dit gedenkteken een spontaan bezoek. Hermann en Tina Langer verzochte Adda Rikken bij het vertalen om hulp. De in Spangdahlem gestationeerde James Stewart las toevallig in een Amerikaans tijdschrift van US-Memorial in Wereth van de gruwelijke dood van zijn naamneef. Dit wekte zijn nieuwsgierigheid, en zo maakte de GI zich op weg naar de Eifel.

Private steun

De soldaat was niet weinig verbaasd, als hij in het kleine oord het herdenkingsteken niet kon vinden. Hij begaf zich naar de US ambassade, die van haar kant de CRIBA inschakelde. “Tot nu had zich niemand beklaagd, daar het zich bij het kruis om een privé initiatief handelde”, volgens Adda Rikken. Toch steeds vaker wekte het “geval Wereth” publieke interesse van het Amerikaanse Leger alsook bij de veteranen. Zo verklaren zich drie idealisten op Amerikaanse vraag bereid om de verzorging en het onderhoud van het US-Monuments te garanderen. Anne-Marie Noel-Simon, Louis Jonkeau en Adda Rikken namen het project aan en vonden bij burgemeester Klaus Schumacher omgaand ondersteuning. Ook de familie Langer en de nieuwe eigenaar Aloys Hennes toonde begrip en deden afstand van een klein perceel tegen aankoopprijs, zodoende dat uit een enkel bescheiden herinneringskruis in tussentijd een echte herdenkingsplaats werd, dat aan stijgende toeloop vind.
(FOTO)
Onder een tekstplaat, dat het voorval in Wereth herinnert, werd op 23 mei dit jaar op de herdenkingsplaats aangebracht.

Achtergrondgegevens 106. Infantry divison

 

Onderstaande enkele getallen en achtergronden m.b.t. de 106. Infantry Division, dat eveneens tot het 333. Field Artillery Batallion behoorde. Het was de eerste US eenheid met 18-jarige rekruten. De landing in Normandie volgde op 2 december 1944. Het handelde zich om de jongste eenheid in Europa: De doorsnee leeftijd lag bij 22 jaar. De inzet in de Ardennen zou voor de jonge soldaten de eerste kontakt in de strijd betekenen. De Belgische Ardennen en de Scheeneifel waren volgens US uitspraken een rustig frontgedeelte. Twintig percent van alle soldaten van het 106. Division leden aan bevriezingsverschijnselen aan de voeten. Slechts vijf dagen na het inzetten beleefde de 106. Infantry Division het grootschalige Duits slotoffensief, de Ardennenslachting In slechts drie dagen sneuvelde 500 soldaten, 1200 GI’s werden gedeeltelijk zwaar gewond en meer dan 7000 gingen in gevangenschap.De vergeten slachting Gruwelijke folteringen eerst twee maanden later begraven… Die zullen het vuur nog aan de schenen krijgen….

 

WERETH :

Het Ardennenoffensief van het Duitse Leger begon op 16 december 1944, zodat het ten oosten van de Ourthe gestationeerde US eenheid van het 333. Field Artillery Batallions, die uitsluitend uit zwarte soldaten bestond, regelrecht onder de voeten gelopen zou worden. Deze eenheid was eerst op 19 juni 1944 op Utah Beach in de Normandie gelanden zou in de omgeving van St. Vith en Schönberg het VII-Corps en in het bijzonder het 106 Infantry Division ondersteunde. De uitsluitende Afro-Amerikaanse soldaten, onder bevel van een blanke Officier, kregen van Captain James A. Edmonson het bevel, alle kanonnen te vernielen en zich in richting Schönberg terug te trekken.
Van de troepen gescheiden.

Bij deze poging werden elf GI’s van hun eenheid afgescheiden en marcheerden in noordwestelijke richting door het ijzige Eifellandschap, in de hoop op Amerikaanse troepen te stuiten. Tegen 16 uur bereikten de volledig uitgeputte soldaten het gehucht Wereth en vroegen Mathias Langer om hulp. De boer verzorgde de soldaten met eten en stond hen toe, zich in zijn huis op te warmen. Doch die idylle was van korte duur, daar soldaten van de eerste SS-Panzergrenadier-Regiments in het dorp binnenreden. De US-soldaten gaf zich strijdloos over, werden gevangen genomen en gedwongen, zich in de vochtige en bitterkoude sneeuw neer te zitten. Hermann Langer herinnert zich nog, dat zijn vader de Duitse SS-personen erom vroeg, om die US-soldaten wegens de strenge koude in de nabijheid gelegen schuur te brengen. Daarop antwoordde de Duitse militairen toch dat “De vrienden het nog warm zouden krijgen, wanneer ze voor onze voertuigen zouden voorop lopen”. Bij het vallen van het donker zette zich de colonne in richting Halenfeld in beweging. Slechts knap 800 meter buiten de stad van Wereth slachtte de Duitse soldaten hun gevangenen op brutaalste wijze af. Na ergste folteringen met bajonetten en geweerkolven werden volgens de autopsieberichten zes van de elf soldaten met een gericht hoofdschot geveld.

De lijken konden op grond van aanhoudende gevechten en het uiterst ongunstige weersgesteldheid niet begraven worden. Eerst op 13 februari 1945, bijna twee maanden na de brutale moorden, werden de lijken van US-soldaten ontdekt en ter militaire begrafenis overgegeven. Bij de doden handelt het zich om Curtis Adams, Mager Bradley, George Davis, Thomas Forte, Robert Green, James Leatherwood, Nathaniel Moss, George Moten, William Pritchnett, Due Turner en James Stewart.
Nooit werden consequent onderzoekingen opgestart, die de vervolging van de moordenaars van de elf gedode GI’s had dienen kunnen. Niemand sprak na de oorlog over dergelijke gruwel, zo dat de verschrikkelijke gebeurtenis van de koude decemberdagen langzamerhand in vergetelheid geraakte. Maar nooit voor eeuwig…

Wereth : reporter krant Grenz-Echo Gerd Hennen : Nederlandse vertaling André Cremers .